Pastei
(Creools gerecht)

Ingrediënten
400 g gehakt half om half (of 500 g kipfilet)
peper
nootmuskaat
1 ui, gesnipperd
2 tomaten, fijngesneden
1/2 blikje doperwtjes
1/2 blikje wortelen (of vers), fijngesneden
1 potje kappertjes
peterselie, fijngesneden
3 hardgekookte eieren, in plakjes

Deeg: 
250 g bloem
1 mespunt zout
1 tl bakpoeder
100 g boter
1 losgeklopt ei
melk
Bereiding
Vulling: Meng het gehakt met peper en nootmuskaat en bak het zachtjes uit zonder boter. Bak de ui ook mee. Voeg de tomaat toe als de ui glazig is. Haal de pan van het vuur en voeg de doperwtjes, worteltjes, kappertjes en peterselie toe.

Deeg: Meng bloem met zout en bakpoeder. Roer de boter los met het losgeklopte ei en scheutje melk en meng met de bloem. Kneed tot stevig deeg. 

Bekleed een beboterde ovenschaal met een deel van het deeg. Stort de vulling op het deeg en beleg met de plakjes ei. Bedek het geheel met de rest van het deeg. Vouw de randen naar binnen en bak de pastei in een voorverwarmde oven op 200°C.

Surinamers eten doorlopend kip (je wordt er gek van), dus de Pastei van kip is het oorspronkelijke gerecht. Neem voor de vulling i.p.v. gehakt: 500 g kipfilet, bestrooi met peper, zout en nootmuskaat en "stoom" gaar in boter en wat water met een bouillonblokje. De kip moet licht van kleur blijven.

4 personen
Surinaams