We hadden graag
een hond gehad - gezellig, en een waakhond is nooit
verkeerd, zeker niet als je hoort over piraterij in de buurt. Maar het
probleem voor ons is dat ons nieuwe thuiswater voornamelijk bestaat uit
voorheen Britse Caribische eilanden, en daar gelden strenge
quarantaineregels alvorens je huisdier aan land mag. Niet zo handig dus.
Met katten is het eenvoudiger want die hoef je niet elke dag uit te
laten en kunnen dus gewoon aan boord blijven. Als ze tenminste niet
overboord vallen tijdens hun drukke klim- en klauterpartijen aan dek. |
Plons! En er zelf weer uit klimmen
Katten kunnen zwemmen. Onze poesjes krijgen regelmatig zwemtraining,
zodat ze aan water wennen en niet direct in een stress raken, mochten ze
per ongeluk een ongeplande duik nemen. En als we voor anker liggen hangt
er aan beide kanten van de boot een speciale katten-zwemtrap, gevlochten
van oude schoten. |
Zeilen met
twee jonge poesjes
Daar is wat voorbereiding voor nodig. Bedenken hoe ze zelfstandig naar de kattenbak kunnen zonder glijden over
de gladde vloer, want de boot gaat natuurlijk scheef! Dus een paar
antislip-matten aangeschaft, en over antislip gesproken ook een setje niet-schuivende etensbakjes. En meteen ook een schepnet, mocht een van de
dames onverhoopt te water raken tijdens het zeilen. |
Ook een beetje nuttig
Onze katten zijn niet alleen aangenomen voor de gezelligheid, maar ook als
jagers op muizen en vooral: kakkerlakken. Om hun
kakkerlakken-killersinstinct een beetje aan de praat te krijgen, maakte P
een speelgoedkakkerlak waar ze enthousiast mee ravotten. Met één sprong
zitten ze er bovenop, nagels erin, bijten
en knagen aan voelsprieten en poten; als het goed is hebben wij nooit meer
last van deze hinderlijke beesten! |