1999. Miep
maakte nog steeds te veel helling. Ook waren we niet tevreden over de
bootsnelheid in een oud zeetje bij afgenomen wind: we kwamen dan heel
slecht op gang en werden door elke golf stilgelegd.
Conclusie: de boot was
te zwaar, dus minder
ballast en omlaag met die handel.
|
Makkelijker gezegd dan gedaan. Frans Maas
had ons het omlaag brengen van de ballast afgeraden uit oogpunt van
onuitvoerbaarheid, en daar had hij groot gelijk in want het was een
enorme operatie die een groot deel van de winter van 1999/2000 in beslag nam
(tezamen met de
bouw van het spookhuis, waarover een andere keer meer).
In
't kort: JW maakte eerst een schuimvorm waarin de berekende
hoeveelheid lood (600 kg) zou passen. De vorm paste exact aan de kiel.
Hieromheen werd een mal gemaakt, die zou dienen als gietvorm voor het lood. Binnen deze mal werd
van rvs strips
een skelet gemaakt, dat met draadeinden dwars door de kiel werd vastgezet. Vervolgens werd het
lood in de mal gegoten. De verse klomp
lood werd afgeplamuurd met epoxy en door het epoxyteam afgelapt rond de kiel.
|

Op de foto zie je de smeltpot op de brander staan. Via de pijp liep het
vloeibare (kokende) lood in de mal. Er zat ook nog een kraan tussen om de
loodtoevoer mee te kunnen stoppen (als er bijvoorbeeld een nieuwe lading
moest worden verhit). Het roestvaststalen skelet dat onderaan de kiel is
bevestigd, is duidelijk zichtbaar. |